Ook duatleten zijn van ijzer

Deze column verscheen in de krant van West-Vlaanderen van 12/03 naar aanleiding van de start van het West-Vlaamse duatlon circuit.

Ook duatleten zijn van ijzer.

Het wielerseizoen is nu reeds enkele weken ver en stilaan maken de West-Vlaamse duatleten zich ook klaar voor hun eerste wedstrijden. Het was er al aan te zien op enkele stratenlopen, die soms zelfs gedomineerd werden door een duatleet. Ook in het wielerpeloton liet zich hier en daar al een atleet opmerken.

Duatleten zijn een speciaal ras. Het zijn niet langer de triatleten die ervoor kiezen om tijdens het voor- of najaar extra wedstrijden te kunnen doen. Nee, duatlon is een specialisatie op zich geworden, die bijna enkel nog door duatleten gedaan wordt. Ik vind dit persoonlijk een spijtige zaak, maar ik kan niet ontkennen dat duatlon heel andere kwaliteiten vereist dan voor een triatlon. Het verschil zit hem vooral in het loopnummer en de overschakelingen. Omdat in duatlon het lopen het eerste onderdeel is ligt de snelheid, bij de toppers niet zelden rond de 20km/u, ook een stuk hoger dan in de triatlon, waar het lopen het laatste onderdeel is. Ook is de overgang van zwemmen naar fietsen heel anders dan van lopen naar fietsen. Deze twee zaken vragen toch een andere trainingsaanpak als je op je best wilt uitpakken.

De triatlonsport kent de laatste jaren een enorme boost. Recreanten vinden massaal de weg naar die evenementen. Het is bijna een grotere prestatie geworden om ingeschreven te geraken dan om effectief nog de wedstrijd uit te doen. Het is jammer dat de duatlonsport niet kan meesurfen op deze hype. Ik vind het een raar fenomeen. Deze sport is nochthans veel toegankelijker dan triatlon, zeker voor mensen die geen zwembad in de buurt hebben. Iedereen die regelmatig gaat fietsen en tussendoor ook eens de loopschoenen aanbindt moet zo’n duatlon relatief makkelijk kunnen afwerken.

Maar, het is algemeen geweten bij de triatleten, die toch ooit eens van een duatlon proefden. Duathlon is keihard. Hoewel de afstanden meestal niet tot de verbeelding spreken zoals bij een IronMan triathlon is het toch serieus afzien. Een atleet met krampen langs de kant van het parcour is absoluut geen rariteit. Meestal is het een kunst om al niet over uw toeren te gaan tijdens het eerste lopen. Het is heel belangrijk om zo ver mogelijk vooraan te zitten na het lopen. Maar eens je op de fiets springt met kapot gelopen benen kan het wel eens serieus tegenvallen wanneer je eens een demarrage wil plaatsen of een brug moet oprijden. Het tweede en laatste onderdeel is dan meestal een calvarietocht voor iedereen. De grootste kick krijg ikzelf wanneer ik in het tweede looponderdeel atleten kan kloppen die in het eerste looponderdeel sneller waren dan mij, atleten, die genekt zijn door het fietsgeweld. Want in duatlon ga je niet alleen de strijd aan tegen jezelf, maar ook tegen uw concurrenten.

Duatlon kan dus zeker ook een mooie uitdaging vormen voor wie houdt van fietsen en lopen. Je kan er natuurlijk niet mee uitpakken als met een triatlon, maar ieder insider weet dat je voor duatlon even goed van ijzer moet zijn.